Stresa vormt de ideale toegangspoort tot het Lago Maggiore, een majestueus meer in het noorden van Italië. Spring er eens de boot op en ontdek al het moois wat het Lago Maggiore te bieden heeft. All aboard!
Tussenstops
Eerst even situeren: het Lago Maggiore ligt pal op de grens tussen de regio’s Piëmont en Lombardije, in het noorden van Italië. Het is het op één na grootste meer van Italië, na het Gardameer. Samen met de andere meren in de buurt vormt het de geologische scheiding tussen de Povlakte in het zuiden en de Alpen in het noorden. Bij helder weer spot je hier zelfs de besneeuwde bergtoppen en de gletsjers van de Walliser Alpen, in Zwitserland.
Een dag aan het Lago Maggiore: wat te doen?
1. Stresa: poort tot het Lago Maggiore
Een goede uitvalsbasis om het Lago Maggiore te verkennen, is Stresa. Het toerisme kreeg er pas echt voet aan wal aan het einde van de 19e eeuw, met de komst van de trein. Enkele prestigieuze villa’s en hotels herinneren nog aan de pioniersdagen van weleer, zoals Villa Pallavicino uit 1855, Grand Hotel des Iles Borromées uit 1863 en Regina Palace uit 1908.
Het station van Stresa bevindt zich trouwens op de wereldbefaamde Simplonlijn. Deze strategische spoorlijn verbindt Milaan, via de Simplontunnel, met het westen van Zwitserland. Ook vandaag nog spoort de legendarische Venice Simplon-Orient-Express (VSOE) regelmatig over deze adembenemende spoorlijn, op z’n droomreis van Parijs naar Venetië, of omgekeerd. Al moet je voor een rit met deze luxetrein best wel diep in je buidel tasten. Gelukkig stoppen er ook nog ‘normale’ treinen in Stresa. Een treinreis naar het Lago Maggiore hoeft je dus niet per se een fortuin te kosten.
Stresa zelf dan is een klein stadje aan de oevers van het Lago Maggiore, met een knus centrum dat één en al Italiaanse charme uitstraalt. Geniet er op één van de vele terrasjes van een aperitivo of stop aan een ijskraampje voor een gelato. Flaneer vervolgens verder tot aan het Piazza Marconi, vanwaar je een eerste blik over het meer en de Borromeïsche Eilanden werpt. En daar blijft het voor ons niet bij.
2. De boot op naar de Borromeïsche Eilanden
In Stresa hop je zo de boot op naar de Borromeïsche Eilanden, een eilandengroep in het Lago Maggiore. De eilanden zijn nog steeds voor een groot deel in handen van de steenrijke familie Borromeo.
Aan het 16e-eeuwse paleis op het Isola Madre bijvoorbeeld wappert ook vandaag nog fier de rood-blauwe vlag van de familie. Op het Isola Bella, het eiland dat graaf Carlo III Borromeo naar zijn vrouw Isabella vernoemde, heeft de familie eveneens een ‘bescheiden’ buitenverblijf staan. Af en toe trekken ze er zelf nog eens heen op vakantie. Isola Bella heeft z’n naam alleszins niet gestolen. Haar terrasvormige tuinen zijn ronduit prachtig. Zowel Isola Madre als Isola Bella zijn publiek toegankelijk van maart tot november, tenzij tijdens bepaalde evenementen. Check dus altijd op voorhand even de website!
Tip!
De familie Borromeo kocht in 2017 ook Villa Pallavicino aan, op het vasteland in Stresa. Het bijhorende park valt eveneens te bezichtigen van maart tot november. Naast een botanische tuin vind je er meer dan 50 verschillende diersoorten.
Meer info: isoleborromee.it en isolelagomaggiore.com.
3. Lunch op Isola Superiore
We meren aan bij het Isola Superiore, ook wel het Isola dei Pescatori genoemd – het ‘visserseiland’. Het fotogenieke dorpje, dat quasi het volledige eiland bedekt, is met z’n nauwe kasseisteegjes en de kleine kerktoren van de Chiesa di San Vittore een echte picture perfect. Het minuscule eiland telt amper 30 inwoners. Honger zullen ze absoluut niet lijden, want er bevinden zich maar liefst 17 restaurants op dit minuscule eiland.
Voor de lunch schuiven wij de voeten onder tafel bij Il Verbano. Dit rustieke, rood geschilderde restaurant beschikt over een weelderig groen terras dat een ongeëvenaard uitzicht over het Lago Maggiore en het naburige Isola Bella biedt. Om nog maar te zwijgen over de gerookte forel en de tagliolini met asperges, die er innig onze smaakpapillen komen strelen. Dit is gewoonweg proeven van Piëmont in al z’n facetten.
Weg zijn wij!
1. Erheen
Vanuit Brussel-Zuid of Amsterdam-Centraal ben je met de trein tussen de 10 en 12 uur onderweg naar Stresa, via Duitsland en Zwitserland. Je dient daarbij minstens 3 keer over te stappen, doorgaans in Keulen, Brig en Domodossola.
Tickets voor dit traject koop je het best via de website van de Duitse spoorwegen: bahn.de. Krijg je niet meteen een prijs te zien? Of is die erg hoog? Probeer je reis dan eens op te splitsen. Soms helpt dat. Je kan ook met Interrail reizen. Een zitplaats reserveren is immers niet altijd verplicht voor de treinen op dit traject of kan je apart bijboeken (aangeraden).
In september 2026 lanceert European Sleeper trouwens een nieuwe nachttrein van Brussel, Luik, Aken en Keulen naar Milaan. Deze trein zal in eerste instantie via het Comomeer sporen, maar als alles goed gaat, wordt er vanaf de zomer van 2027 via de Simplonspoorlijn gereden, met een stop in Stresa aan het Lago Maggiore. Er zou tegen dan eveneens een treindeel vanuit Amsterdam moeten vertrekken.
Tip!
Stap in plaats van Brig reeds eerder uit in Bern, de hoofdstad van Zwitserland, en neem hier al de RE1 naar Domodossola. Je bent in dat geval iets langer onderweg, maar deze trein spoort wel over het oude, panoramische bergtraject van de Lötschbergspoorlijn.
Extra tip!
Combineer je bezoek aan Stresa en het Lago Maggiore met bijvoorbeeld de Rhônevallei in Zwitserland (via Brig) en/of een stedentrip Milaan.
2. Overnachten in Stresa
Doe zoals de allereerste toeristen vroeger deden en boek je een verblijf in één van de iconische hotels in Stresa: Grand Hotel des Iles Borromées (vijf sterren) of Regina Palace (vier sterren). Beide hotels bieden een prachtig uitzicht over het Lago Maggiore.
Is je budget iets minder riant? Dan zijn er nog tal van andere mogelijkheden om in Stresa te overnachten. Klik voor prijzen en beschikbaarheden op de knop hieronder.
Ontdek meer van TreinTrips.be
Abonneer je om de nieuwste berichten naar je e-mail te laten verzenden.













