Eerst keer met de trein naar Frankrijk? Wel, met dit gedetailleerde overzicht boordevol nuttige tips zorgen wij er alvast voor dat je het spoor niet bijster raakt, in het labyrint van Franse spoorwegen.
10 leuke ideeën voor treintrips in Frankrijk
- Beleef een romantisch weekendje in de lichtstad Parijs.
- Stap ’s ochtends aan boord van de TGV naar Zuid-Frankrijk en smul ’s middags al van een lekkere bouillabaisse in Marseille.
- Ga met de trein skiën in de Franse Alpen of de Pyreneeën.
- Proef van de beste bubbels in de Champagnestreek rond Reims, zonder dat je nadien zelf nog hoeft te rijden.
- Stap aan boord van enkele onvergetelijke bergtreinen, zoals Le Train Jaune of de Mont Blanc Express.
- Breng een bezoek aan bruisende steden zoals Straatsburg, Lyon en Bordeaux.
- Ga uitwaaien aan de Baai van de Somme, in het noorden van Frankrijk.
- Maak kennis Les Machines de l’île in Nantes.
- Doorkruis het ruige binnenland van Corsica met de smalspoortreinen van de Chemins de Fer Corse.
- Ontdek de Provence en de Côte d’Azur met Le Train de la Côte Blue, Le Train des Merveilles en de Chemin de Fer de la Provence.
Hoe naar Frankrijk reizen met de trein?
Brussel-Zuid is rechtstreeks aangesloten op het Franse hogesnelheidsnet, wat heel wat bestemmingen binnen Frankrijk binnen handbereik brengt. Maar ook net over de grens kom je best wel vlot met de trein. Een overzicht van de verschillende mogelijkheden om van België (en Nederland) naar Frankrijk te sporen.
Dit zijn de internationale treinen tussen België en Frankrijk
- Eurostar: internationale hogesnelheidstrein die je in sneltreinvaart van Amsterdam, Schiphol, Rotterdam, Antwerpen, Brussel en Luik naar de Franse hoofdstad Parijs brengt. Aankomen doe je in het station Paris-Nord.
- Eurostar Sun & Snow: seizoensgebonden Eurostartreinen die ‘s winters naar de Franse Alpen rijden (Eurostar Snow) en ’s zomers naar de Provence en Marseille (Eurostar Sun). Ze rijden enkel op zaterdag tijdens het seizoen. De heenreis is telkens ’s ochtends vroeg en de terugreis in de late namiddag.
- TGV inOui: TGV is de afkorting van ‘Train à Grande Vitesse’, de Franse hogesnelheidstrein. Met TGV inOui flits je in een mum van tijd van Brussel-Zuid naar diverse steden in Frankrijk, terwijl je Parijs links laat liggen. Onder andere Rijsel, Lyon, Marseille, Montpellier, Straatsburg en Rennes zijn rechtstreeks bereikbaar vanuit Brussel.
- OUIGO: goedkoop alternatief voor de Eurostar tussen Brussel en Parijs. Deze trein rijdt niet over de hogesnelheidslijn, maar volgt de historische route tussen beide hoofdsteden en stopt onderweg eveneens in Bergen, Aulnoye-Aimeries en Creil. Ook Saint-Quentin zou in de nabije toekomst aan het lijstje met tussenstops toegevoegd worden.
- IC-treinen naar Rijsel: vanuit Antwerpen spoort er ieder uur een IC-trein naar de Noord-Franse stad Rijsel. Onderweg stopt ze nog in Sint-Niklaas, Lokeren, Gent-Dampoort, Gent-Sint-Pieters, Waregem, Kortrijk, Moeskroen, Tourcoing en Roubaix. Ook vanuit Doornik is er ieder uur een IC-trein. Opgelet! Deze treinen komen in Rijsel aan in het station van Lille-Flandres.
- S63 Charleroi – Erquelinnes – Maubeuge: deze weinig aantrekkelijke stoptreinen slingeren zich een weg naar Frankrijk doorheen de Sambervallei ten westen van Charleroi. Vanuit Erquelinnes steken ze eens in de twee uur de grens over naar het Franse Maubeuge, vanwaar je met Franse treinen eventueel kan doorreizen naar bijvoorbeeld Parijs.
Voor TGV, Eurostar en OUIGO is reserveren verplicht, voor de IC-treinen naar Rijsel en de S63-treinen naar Maubeuge hoeft dit niet.
Tip!
De Franse spoorwegen in een notendop
Voor veel zaken in Frankrijk loopt de evenaar nog steeds door Parijs. Zo ook in het Franse spoorwegnet. Vanuit zeven zogenaamde kopstations waaieren er tal van spoorlijnen uit naar alle windrichtingen. Hier overstappen is weliswaar niet evident. De kans is namelijk groot dat je dan van station dient te wisselen, wat best wel een tijdrovende operatie is. Meestal moet je hiervoor een metro of taxi nemen, die niet in je treinticket inbegrepen zit. Ook met bagage is dit niet altijd een pretje, zeker in de spits.
Hogesnelheidslijnen
Frankrijk geldt ontegensprekelijk als dé pionier van de hogesnelheidstrein in Europa. Al in 1981 ging de eerste train à grande vitesse (TGV) tussen Parijs en Lyon aan het rollen. Intussen telt het land meer dan 2000 kilometer aan hogesnelheidslijnen. De meeste starten of eindigen eveneens in Parijs, maar er zijn ook een aantal hogesnelheidstreinen die de Franse hoofdstad omzeilen dankzij het oostelijke ringspoor, via de luchthaven Paris-Charles de Gaulle en Marne-la-Vallée-Chessy. Op die manier kan je het omslachtige overstappen in Parijs vaak vermijden en verlies je nog minder tijd om je bestemming te bereiken. Zo stap je ’s ochtends op de TGV in Brussel-Zuid en ben je rond de middag al in Marseille of in de Franse Alpen.
Opgelet! In grote Franse steden, zoals Parijs, Rijsel, Straatsburg, Lyon en Marseille, stoten de hogesnelheidstreinen door tot in het hart van de stad. Maar dat is niet overal zo. In sommige andere steden stoppen ze in afgelegen TGV-stations langsheen de hogesnelheidslijn, een eind buiten de stad. Dit is bijvoorbeeld het geval in Valence, Avignon, Aix-en-Provence en Reims. In Lyon stoppen sommige TGV’s in de luchthaven Saint-Exupéry, in plaats van in het hoofdstation Lyon Part-Dieu. Je ontmaskert deze stations aan de term ‘TGV’ in hun naam. Voordeel: de trein verliest weinig tijd met deze tussenstops en er is ook geen interferentie met ander treinverkeer, wat de stiptheid dan weer ten goede komt. Nadeel: net zoals bij luchthavens moet je dan nog vaak een regionale trein, bus of huurwagen nemen om het centrum van de stad te bereiken.
Klassieke spoorlijnen
Naast hogesnelheidslijnen beschikt Frankrijk gelukkig ook nog steeds over een uitgestrekt klassiek spoorwegnet. Sinds de komst van de hogesnelheidstrein is dit nu voornamelijk het territorium van de regionale treinen (TER). Maar ook langeafstandstreinen vinden steeds meer de weg terug naar het ‘trage’ spoor. Zo is de nachttrein (Intercités de Nuit) terug van weggeweest en spoort die iedere avond vanuit het station Paris-Austerlitz stilletjes doorheen de nacht naar bestemmingen in de Franse Alpen, aan de Côte d’Azur en in de Pyreneeën.
Daarnaast legt OUIGO – de prijsvechter van de nationale spoorwegmaatschappij SNCF – naast hun spotgoedkope hogesnelheidstreinen overdag ook enkele klassieke treinen in. Zo kan je met de train classique van OUIGO vanuit Parijs naar onder andere Lyon, Nantes, Rennes en Brussel. Je bent dan wel vaak dubbel zo lang onderweg, maar de prijzen zijn meestal ook peanuts.
Tip!
Welke treinen rijden er in Frankrijk?
Net zoals in andere grote landen in Europa, is ook in Frankrijk het treinverkeer opgedeeld in langeafstandstreinen (TGV, OUIGO en Intercités) en regionaal verkeer (TER). In vergelijking met de buurlanden rijden er wel een pak minder treinen in het land, vooral dan op de landelijke lijnen. Rond Parijs is er wel een uitgestrekt voorstadsnetwerk: Transilien. De Franse nationale spoorwegmaatschappij SNCF Voyageurs bezit nog een quasi monopolie in Frankrijk, al zijn er in het langeafstandsverkeer wel al wat kapers op de kust.
Langeafstandstreinen: Grandes Lignes
Langeafstandstreinen worden in Frankrijk ook wel eens als ‘Grandes Lignes’ bestempeld – ‘Grote Lijnen’. Ze zijn een federale bevoegdheid en worden door SNCF Voyageurs uitgebaat. Het gros van deze treinen zijn hogesnelheidstreinen van het merk TGV inOui. Daarnaast concurreren ook de Italiaanse (Trenitalia) en Spaanse spoorwegen (Renfe) met hun eigen hogesnelheidstreinen op het Franse net.
Om een antwoord te bieden aan de vaak peperdure treintickets van TGV inOui, lanceerde de SNCF intussen ook het lowcostmerk OUIGO. Het enige verschil tussen beide treinen, is dat je bij OUIGO je tickets enkel online kan kopen, je voor je bagage dient bij te betalen en er geen barrijtuig in de trein aanwezig is. Ironisch genoeg zijn de spotgoedkope treinen van OUIGO soms dat tikkeltje sneller dan die van TGV inOui. Naast hogesnelheidstreinen legt OUIGO op enkele verbindingen ook klassieke treinen in (zie eerder).
Op belangrijke spoorlijnen waar nog geen hogesnelheidstreinen komen, rijden nog een handvol oubollige Intercités. Het gaat dan vooral om gebieden tussen Parijs en Midden-Frankrijk (de streek rond Limoges en Clermont-Ferrand), het Centraal Massief en ten noorden van de Pyreneeën (Toulouse en ruime omgeving). Daarnaast zijn er ook nog een paar oost-westverbindingen, zoals van Bordeaux naar Marseille. Toch ben je van oost naar west soms sneller af met een TGV via Parijs.
Voor zo goed als alle treinen van de ‘Grandes Lignes’ dien je op voorhand een zitplaats te reserveren, wat de spontaniteit van het treinreizen in Frankrijk jammer genoeg flink inperkt. De tarieven variëren volgens de route en de bezettingsgraad van de trein. Ze zijn snel volzet of peperduur, dus er vlug bij zijn is de boodschap.
Dit zijn de meest voorkomende langeafstandstreinen in Frankrijk:
- TGV inOui: hogesnelheidstreinen van de SNCF die gans Frankrijk doorkruisen. Sommige TGV inOui-treinen steken de grens over naar Spanje (Figueras, Girona, Barcelona), Italië (Turijn, Milaan), Duitsland (Frankfurt, Freiburg, Stuttgart, München), Luxemburg en België (Brussel). Reserveren is verplicht.
- TGV Lyria: TGV-treinen die tussen Parijs en Zwitserland pendelen (Zürich, Genève, Lausanne).
- ICE: de SNCF werkt tussen Parijs en Duitsland samen met de Duitse spoorwegen (DB), die op deze route ook hun eigen hogesnelheistrein ICE inzetten. Sinds het einde van 2024 is er ook een rechtstreekse trein tussen Parijs en Berlijn. Reserveren is verplicht.
- OUIGO Grande Vitesse: hogesnelheidstreinen van de SNCF tegen een lage prijs. Reserveren is verplicht.
- OUIGO Classique: klassieke langeafstandstreinen van de SNCF tegen een lage prijs. Reserveren is verplicht.
- Intercités: klassieke langeafstandstreinen op belangrijke spoorlijnen waar nog geen hogesnelheidstreinen komen. Voor sommige treinen is reserveren verplicht, voor andere dan weer niet.
- Intercités de nuit: nachttreinen van de SNCF. Ze vertrekken in Parijs allemaal uit Gare d’Austerlitz. Je kan een zitplaats reserveren, maar ook een ligplaats in een coupé tweede klasse (6 personen) of eerste klasse (4 personen). Reserveren is verplicht.
- Frecciarossa: hogesnelheidstrein en vlaggenschip van de Italiaanse spoorwegen (Trenitalia). Ze rijden van Parijs naar Turijn en Milaan via de Mauriennelijn en de Fréjustunnel, maar concurreren eveneens met de SNCF tussen Parijs en Lyon.
- AVE: hogesnelheidstrein van de Spaanse spoorwegen (Renfe). Ze leggen twee treinverbindingen met Frankrijk in: Barcelona – Lyon en Madrid – Marseille.
Regionale treinen: TER
Ook het regionale treinverkeer in Frankrijk is zo goed als volledig in handen van de SNCF. Het nationale netwerk is echter opgesplitst volgens de verschillende regio’s die Frankrijk telt. Die regio’s subsidiëren de treinen ook voor een groot deel mee. De TER-treinen dragen in elke regio dan ook een herkenbaar en vaak kleurrijk kleedje van de desbetreffende regio. Ieder regionaal netwerk beschikt overigens over een eigen website. Sommige regio’s doopten hun netwerk zelfs om naar een hippere naam. Dit zijn ze:
- TER Hauts-de-France
- Nomad Train in Normandië
- TER Fluo in de Grand Est
- TER BreizhGo in Bretagne
- TER Aléop in de Pays de la Loire
- Rémi in Centre-Val-de-Loire
- Mobigo in Bourgogne Franche-Comté
- TER Nouvelle-Aquitaine
- TER Auvergne-Rhône-Alpes
- LiO in Occitanie
- ZOU! in de Provence-Alpes-Côte-d’Azur
In de meeste regio’s rijden de regionale treinen nog allemaal onder het label TER (Transport Express Regional). Dit kan soms voor verwarring zorgen, aangezien zowel stoptreinen als regionale sneltreinen onder deze categorie vallen. Af en toe vervangen zelfs TER-bussen de treinen, vooral op lokale lijnen dan. Ook de dienstregeling kan nogal uiteenlopend zijn per spoorlijn. Sommige verbindingen kennen een klokvaste halfuursdienst, terwijl andere spoorlijnen hooguit een paar lokale treinen per dag zien. Een zitplaats reserveren op een regionale trein is niet nodig, tenzij op enkele snelle treinverbindingen vanuit Normandië en de Grand Est naar Parijs.
Om het regionale treinverkeer toch iets overzichtelijker te maken, beslisten sommige regio’s om de term TER toch te vervangen door andere categorieën:
- Krono (K) en Krono+ (K+): regionale treinen met weinig tussenstops.
- Proxi (P): lokale treinen die (bijna) overal stoppen.
- Citi: voorstadstreinen rond de grote steden.
Naast een letter krijgen deze treinen ook een lijnnummer mee.
Bergtreinen
De SNCF beheert ook enkele schilderachtige smalspoorlijnen, vooral in bergachtige gebieden dan:
- Chemins de Fer de Corse: spoorwegnet op het eiland Corsica.
- Le Train Jaune: smalspoorlijn in de Pyreneeën, tussen Villefranche-de-Conflent en Latour-de-Carol-Enveitg. Zijn bijnaam heeft de trein te danken aan z’n kanariegele uiterlijk. Erg leuk: in de zomer rijden ook cabriowagens mee in de trein.
- Mont-Blanc Express: internationale smalspoorlijn in de Alpen die het Franse Saint-Gervais-les-Bains met het Zwitserse Martigny in de Rhônevallei verbindt, via het wintersportoord Chamonix.
Er is weliswaar één lokale (smal)spoorlijn in Frankrijk die niet door de SNCF uitgebaat wordt, de toeristische en museumspoorlijnen even buiten beschouwing gelaten. Het gaat om de Chemin de Fer de Provence (CP). Desondanks maakt de 150 kilometer lange spoorlijn van Nice naar Digne-les-Bains wél deel uit van het ZOU!-netwerk. In iedere richting leggen er dagelijks drie treinen het volledige traject in iets meer dan drie uur tijd af. Dichterbij Nice is er een voorstadsdienst met meer treinen.
Rondom Parijs: Transilien en RER
Transilien is de naam van het voorstadsverkeer in ÃŽle-de-France, de regio waar ook de Franse hoofdstad Parijs deel van uitmaakt. Iedere lijn wordt aangeduid met een hoofdletter en rijdt met een hoge frequentie, zeker dichter naar het centrum van Parijs toe. Richting de buitenwijken vertakken de lijnen zich naar diverse bestemmingen.
De meeste treinen vertrekken in Parijs uit één van de kopstations, aan de rand van het centrum. Daarnaast exploiteert Transilien ook een tramlijn en enkele RER-verbindingen (Réseau Express Régional). Deze RER-lijnen hebben letters A, B, C, D en E. Samen met de metro van Parijs – uitgebaat door de RATP – zijn dit de enige treinen die via tunnels het centrum van Parijs doorkruisen en er ook haltes hebben. Een groot deel van de stations van het RER- en Transilien-netwerk is uitgerust met toegangspoortjes.
Reizen in eerste klasse
TGV inOui en Intercités beschikken over zowel zitplaatsen in eerste als tweede klasse. Een ticket in eerste klasse heb je vaak al voor slechts enkele euro’s extra, dus check bij boeking zeker ook die tarieven eens. Veel meer dan wat extra zitcomfort hoef je echter niet te verwachten. Er is ook geen cateringservice inbegrepen.
Bij de nachttreinen van Intercités de Nuit kan je kiezen uit drie verschillende reisklassen:
- Gewone zitplaatsen: Er zijn geen afgescheiden coupés en je kan je zetel maar een beetje naar achteren doen leunen.
- Slaaprijtuig tweede klasse: ben in een gedeelde coupé voor zes reizigers.
- Slaaprijtuig eerste klasse: bed in een gedeelde coupé voor vier reizigers.
Mits een meerprijs kan je een coupé ook volledig privatiseren. De coupés werden enkele jaren geleden nog maar keurig opgefrist. Er is voor iedereen in een slaaprijtuig beddengoed en een kussen voorzien. In eerste klasse ontvang je daarbovenop een gratis flesje water en een reiskit, met daarin een nachtmasker, oordopjes, frisse muntjes, papieren zakdoeken en een verfrissend doekje. WC en wasgelegenheid is er telkens aan het uiteinde van ieder rijtuig. Reizigers met een ticket eerste klasse kunnen in de stations Paris-Austerlitz en Toulouse-Matabiau bij aankomst ’s ochtends ook gebruik maken van de douches.
Bij de TER-treinen wordt eerste klasse eerder zeldzaam. Enkel nog maar op de lange trajecten vind je ze, te herkennen aan de rode rechthoek en het cijfer 1 naast de toegangsdeuren van het eersteklasserijtuig.
Tickets kopen & dienstregelingen raadplegen: hoe doe je dat?
Internationale treinen
NMBS Internationaal en NS Internationaal bieden een scala aan bestemmingen in Frankrijk aan. Ook de Frecciarossa van Trenitalia is in beide boekingsplatformen opgenomen. OUIGO kan momenteel alleen maar bij NMBS Internationaal gereserveerd worden en dan ook enkel maar de klassieke trein tussen Brussel en Parijs.
De Franse spoorwegen beschikken eveneens over een heel overzichtelijk boekingsplatform voor hun langeafstandstreinen: SNCF Connect. Je kan de website ook in het Nederlands raadplegen. In tegenstelling tot de websites van de Belgische en Nederlandse spoorwegen zitten in dit systeem effectief alle stations in Frankrijk verwerkt, net zoals de goedkope treinen van OUIGO. Handig: het platform SNCF Connect stelt je vaak ook alternatieve verbindingen aan lagere prijzen voor, indien die voorhanden zijn. Voor sommige moet je daar wel een langere overstap in een tussenstation over hebben.
Welke treinen je niet bij SNCF Connect zal vinden, zijn de Frecciarossa en de AVE, de grote concurrenten van SNCF. Deze treinen kan je eventueel opzoeken via de website van Trenitalia of RENFE. Specifiek op zoek naar treinen en tarieven van Eurostar of OUIGO? Dan kan je ook hun eigen websites raadplegen. De prijzen zijn in dit geval wel steeds gelijk aan diegene die je bij SNCF Connect vindt.Â
Wil je alle mogelijke treinverbindingen en tarieven naar en in Frankrijk liever mooi op een rijtje in één overzicht? Dan is Trainline of Rail Europe een aanrader. Zij bieden namelijk zo goed als alle eerder vermelde treinen aan. Je kan er zelfs gaan vergelijken met busdiensten.
In sommige Belgische en Nederlandse stations kan je voor internationale tickets ook terecht aan het loket, maar dan betaal je wel dossierkosten bovenop je ticket.
Binnenlandse treinen
Langeafstandstreinen binnen Frankrijk boek je ook hier weer het best via SNCF Connect. Tickets en dienstregelingen voor regionale treinen bekijk je beter op de websites van de regionale TER-netwerken zelf (zie eerder). Zij bieden vaak ook interessante formules en promoties aan voor treintrips in de regio. Af en toe lanceren de regio’s bijvoorbeeld een actie waarbij je voor amper 1 euro de trein kan nemen!
Veel stations in Frankrijk beschikken trouwens nog steeds over bemande loketten, ook de kleinere. In de meeste stations heb je ook ticketautomaten, maar die werken helaas niet altijd. De grotere stations beschikken over gescheiden loketten en automaten voor het langeafstandsverkeer (Grandes Lignes) en het regionale verkeer (TER).Â
Interrail Pas Frankrijk
Wil je Frankrijk met een Interrail Pas doorkruisen? Stel je dan eerst even de vraag of dit wel de moeite waard is. Voor iedere TGV of Intercités (de Nuit) moet je namelijk nog een betrekkelijk hoge toeslag betalen voor de verplichte reservatie. Deze plaatsen zijn ook vaak gelimiteerd in aantal. Losse tickets zijn misschien wel goedkoper. Bij OUIGO is de pas niet geldig, maar daar zijn de tickets wel spotgoedkoop.
Je kan natuurlijk alles met regionale treinen gaan doen, waarvoor je niet hoeft te reserveren of supplementen te betalen. Maar dan ben je vaak veel langer onderweg en moet je onderweg meer overstappen. Binnen een bepaalde regio zijn er bovendien soms interessante formules waar de Interrail Pas niet tegenop kan. Interrail is bovendien niet geldig op het eiland Corsica.


